De oorlog in cijfers
Wat was er gebeurd in Beek? Veel! Er waren militairen gesneuveld. Er waren mensen gedeporteerd en vermoord. Er waren op andere manieren mensen gewelddadig om het leven gekomen. Er waren woningen en bedrijven verwoest. Er waren reputaties en vriendschappen vernietigd. Meisjes waren ongewenst zwanger. Blijvende rancunes, die het gevolg waren van keuzes die mensen in de oorlog hadden gemaakt, bleven het dagelijks leven beheersen.

In vergelijking met andere landen was Nederland redelijk ongeschonden uit de oorlog gekomen. Ongeveer 2,2% van zijn bevolking had door de oorlog het leven verloren. Ter vergelijking: in de Sovjet-Unie bedroeg dit percentage 11, in Duitsland 12, en in Polen 20. In vergelijking met andere plaatsen in Nederland had Beek niet zo’n hoge tol betaald. De 32 oorlogsdoden vertegenwoordigden 0,4% van de bevolking van Beek en Spaubeek.

De sterfte door natuurlijke oorzaken in de jaren 1940-1944 zal ongeveer 400 personen hebben bedragen. Dit betekent dat in de oorlog de rouw in Beekse gezinnen voor meer dan 90% was veroorzaakt door normaal overlijden, en slechts voor minder dan 10% door de oorlog.

Onder de oorlogsslachtoffers bevonden zich 10 joden, 6 zigeuners, 3 slachtoffers van Duitse kampen en gevangenissen, 4 militairen en zeevarenden in Nederlandse dienst, 5 personen in dienst van de Wehrmacht of de Waffen-SS en 4 slachtoffers van bombardementen.

Hierbij moet wel worden aangetekend, dat Beek-centrum in vergelijking met de andere dorpskernen onevenredig zwaar is getroffen door de oorlog. Van de in totaal 32 oorlogsdoden waren er maar liefst 26 afkomstig uit Beek-centrum, terwijl deze kern slechts ruim 3000 inwoners herbergde van de 8000, die er in totaal woonachtig waren in het gebied van de toenmalige gemeenten Beek en Spaubeek.

Er was veel materiele schade. Van de in totaal 1600 woningen van Beek en Spaubeek werden er tijdens het grote bombardement van Geleen op 5 oktober 1942 35 verwoest en 20 zwaar beschadigd. Hieronder waren grote panden als het Retraitehuis in Spaubeek, en in Beek rondom de kerk grossierderij Retera, apotheek Bloemen, drukkerij Hoppers, een bakkerij, een drogisterij, een slagerij, een kruidenier, een slijterij, een cafe-danszaal en een deel van het oude-mannenhuis van de zusters in de Molenstraat. Gedurende de gevechten rond de bevrijding werden nog eens 10 woningen verwoest, en 20 zwaar beschadigd. Door de oorlog waren er in beide gemeenten in totaal 85 woningen blijvend of tijdelijk onbewoonbaar, ruim 5% van het totale bestand. Ook in materieel opzicht had Beek-centrum de grootste klappen gehad.
  Beek Nederland
Inwoners 8000 9.000.000
Oorlogsslachtoffers totaal 32 200.000
In % 0,4% 2,2%
     
Vermoorde joden 10 102.000
In % van totaal 38% 75%
Vermoorde zigeuners 6 220
Oorlogsslachtoffers excl. joden en zigeuners 16 98.000
     
Woningenbestand 1600 2.000.000
Verwoest / ernstig beschadigd 85 120.000
In % 5.3% 6.0%
     
Gedeporteerden voor arbeidsinzet tientallen 530.000