Engelandvaarder Max Rens
Max Rens, geboren in 1913 uit een joods gezin in Amsterdam, was assistent-internist in Maastricht. Hij woonde met zijn katholieke echtgenote en twee kleine kinderen in Beek. Door de nazi’s werd hij in 1941 uit zijn baan gezet. Toen er in augustus 1942 een razzia plaatsvond tegen katholiek gedoopte joden, wist hij op tijd onder te duiken bij de familie Erkens-Rompen aan de Sanderboutlaan in het Beekse deel van de Heide. Voor Max was het leven in het verborgene echter een kwelling. Hij wilde naar Engeland om zich daar als militair arts te melden bij de zojuist opgerichte Prinses Irene Brigade.

Zijn vlucht naar Engeland mislukte. Enkele kilometers vóór de Spaanse grens werd hij gearresteerd door een grenspatrouille. Daar, op een bergpas in de Pyreneeën, gooide hij zijn trouwring, waarin de naam van zijn vrouw stond gegraveerd, weg. Hij bedacht ter plekke dat hij van nu af Leopold Fernandes zou heten. Als politiek gevangene met een rode driehoek werd hij opgesloten in concentratiekamp Dachau. Hij dook eigenlijk opnieuw onder, want niemand wist dat gevangene 94302 joods was. Hij werd bevrijd door Franse troepen in het Aussenkommando Oberndorf a.d. Iller.

Op 10 september 2003 reikte de ambassadeur van Israel aan mijnheer en mevrouw Erkens-Rompen postuum een onderscheiding van Yad Vashem uit, aangevraagd door hun voormalige onderduiker Max Rens. Zij dragen de titel “Rechtvaardigen onder de Volkeren”.

Max leefde een lang leven gelukkig met zijn vrouw, kinderen, klein- en achterkleinkinderen. Hij overleed tevreden op 6 november 2005. Zijn trouwring is nooit teruggevonden.
Max Rens met zijn gezin voor de oorlog