Revolutie in de Steentijd
Zo’n 14.000 jaar geleden voltrok zich in het Nabije Oosten een revolutie die haar weerga in de menselijke geschiedenis nauwelijks heeft gekend. Mensen gingen zich opeens vestigen op één plek. Ze werden – zoals archeologen dat noemen – ‘sedentair’. Dat was een belangrijk verschil met voorheen, toen álle mensen als jagers-verzamelaars leefden. Jagers-verzamelaars trokken als nomaden rond in het landschap en leefden van de jacht en het verzamelen van allerhande voedsel, zoals hazelnoten, vruchten en kruiden.

Het wonen op één plek had grote gevolgen: men gingen opeens met veel meer mensen op één en dezelfde plaats wonen. Er waren nieuwe omgangsvormen nodig om ervoor te zorgen dat dat soepel verliep. Waarschijnlijk is toen de eerste begin gemaakt met de vorming van wat wij nu een maatschappij noemen: een samenleving die op een bepaalde manier geordend is. Bijvoorbeeld door het bestaan van een leidersklasse en door hiërarchieën, en door specialisatie van beroepen (boeren, ambachtslieden, geestelijken, soldaten, …) .

Ook op het gebied van voedselvergaring veranderde er in diezelfde tijd veel: nomaden zochten hun voedsel, maar deze revolutionaire mensen ging het verbouwen. Ze vonden de landbouw letterlijk uit, want vóór hen was er niemand geweest die ooit aan landbouw had gedaan. Kortom: deze mensen werden boer.

Rond 11.000 jaar geleden hadden ze ook geleerd hoe ze dieren, zoals geiten, schapen en koeien, tam moesten maken. Eerst enkel als bron van vlees, maar later ook als leveranciers van wol en melk.

Vanuit ons hedendaags oogpunt lijkt de overgang naar een boerenbestaan wellicht een vooruitgang, maar dat was het destijds eigenlijk niet. Doordat de eerste boeren zich zo afhankelijk maakten van de verbouw van enkele gewassen, namen ze veel grotere risico’s dan de jagers-verzamelaars. Bij een misoogst hadden ze een enorm probleem. Uit skeletonderzoek is ook gebleken dat de eerste boeren minder gezond én gemiddeld kleiner waren dan de jagers-verzamelaars. Een boerenbestaand is tenslotte ook veel arbeidsintensiever dan een bestaand als jager-verzamelaar.

Niettemin hebben die eerste boeren toch doorgezet en daarmee de geschiedenis van de mens een nieuwe weg ingestuurd. Deze enorme omwenteling staat tegenwoordig bekend als de Neolithische Revolutie, omdat met deze revolutie het Neolithicum begon. Die naam is afgeleid van de Griekse woorden ‘neos’ – ‘nieuw/jong’ - en ‘lithos’ – ‘steen’, oftewel de ‘Nieuwe Steentijd’.

Hoe revolutionair het leven van de nieuwe boeren was, realiseer je je als je bedenkt dat de mens (Homo sapiens) sinds zijn ontstaan in Afrika zo’n 200.000 jaar geleden altijd als rondtrekkende jagers-verzamelaar had geleefd. En ook alle prehistorische mensensoorten vóór Homo sapiens leefden al miljoenen jaren als nomadische jagers-verzamelaars. Het gaan wonen op één plek mag dan ook met recht een ongelofelijke revolutie in het menselijk bestaan worden genoemd. En het is zelfs geen overdrijving te stellen dat onze huidige samenleving nooit had kunnen ontstaan als die eerste boeren 14.000 jaar geleden niet over waren gegaan op hun nieuwe leefwijze.

Dat eerste landbouwersculturen ontstonden in een gebied dat – niet toevallig – tegenwoordig bekend staat als de Vruchtbare Halvemaan (of Vruchtbare Sikkel). Vanuit dit gebied in het Midden-Oosten zou de landbouw zich in de duizenden jaren daarna over Europa verspreiden.
Grottekeningen uit Salmaly-Tash, Oezbekistan
Copyright: Mosasaurusfilm
Schildering in de graftombe van Sennedjem: landbouw in Egypte, ca 3200 jaar geleden.
De Vruchtbare Halve Maan
Copyright: Norman Einstein & Evil Berry