Horlogerie en Optiek Molin
Waar vele Beekse ondernemers zich richtten op dagelijkse benodigdheden – brood, sigaren, bier, melk, enz. – richtte Johannes Hubertus Martens zich in het begin van de 20e eeuw juist op iets heel exclusiefs: horloges.

Een (zak)horloge was tot in de 19e eeuw een hele investering. Alleen vader had er een, en het horloge werd doorgaans ook alleen op zon- en feestdagen gedragen. Om een horloge te kopen kon je tot begin 20e eeuw alleen in de grotere steden Maastricht en Sittard terecht.

Toen Johannes Martens zijn familie liet weten dat hij niet – zoals zij – het bakkersvak in wilde, maar horlogemaker wilde worden riep dat dan ook de nodige verbazing op. Hij volgde zijn opleiding tot horloge- en klokkenmaker in Maastricht en opende in 1904 een winkel in de Hoofdstraat. In zijn horlogerie kon je terecht voor horloges, klokken en juwelen. De zaak liep goed en in 1922 werd er uitgebreid naar het naastgelegen pand, waardoor het assortiment kon worden uitgebreid.
Het uitghangbord van de winkel rond 1935.
Bron: Becha, jrg 18, nr 1
Johannes Martens was vrijgezel, maar hoefde zich geen zorgen te maken om zijn opvolging. In het jaar dat hij zijn horlogerie begon werd namelijk zijn neef Guill Molin geboren, die – toen hij wat ouder was – veel interesse had voor het vak van zijn oom. Op 17-jarige leeftijd kwam hij in dienst van de horlogerie en al 3 jaar later - in 1924 – nam hij de zaak over van zijn oom. Eerst nog onder de naam ‘Horlogerie G. Molin, voorheen J. Martens’, later enkel onder zijn eigen naam. Hij breidde het aanbod van de winkel uit met een optiekafdeling en in de crisisjaren rond 1930 ook met radiotoestellen. Tevens leverde hij duivenklokken van het merk ‘Benzing’. In Beek waren 4 verenigingen actief van postduivenliefhebbers, dus leverde flink wat klandizie op.

In de Tweede Wereldoorlog raakte het pand beschadigd, maar van de nood werd een deugd gemaakt door te moderniseren. Modernisering van de winkel gebeurde in de decennia daarna ook nog geregeld.

Vanaf 1970 trad de nieuwe generatie aan in de hoedanigheid van Guill’s zonen John en Paul en werd de bedrijfsnaam veranderd in ‘Firma horlogerie G. Molin en zoon’. In 2003 nam de derde generatie het stokje over. Erik Molin staat tegenwoordig aan het hoofd van de juwelierszaak Molin en zijn zus Karin is eigenaar van de brillenoptiek. Daarmee bestaat dit familiebedrijf inmiddels al meer dan 110 jaar.
Een Benzing duivenklok zoals deze eind jaren '20 werden verkocht.
Bron: www.duivenklokken.com



Guill Molin voor de ingang van zijn winkel rond 1930.
Bron: Becha, jrg 18, nr 1