Bron
Dit artikel is gebaseerd op informatie uit de publicatie 'Stroopstoken in Limburg, van ambacht tot fabriek' (Serge Langeweg, 2003) en diverse artikelen uit Becha. 
Stroopfabriek SICOF
Ooit was Beek het centrum van de stroopstokerij in Zuid-Limburg met tientallen stroopstokerijen. Dat waren lang vooral ambachtelijke kleine stokerijtjes, vaak gevestigd in een ‘sjroepes’ bij een boerderij of gewoon bij mensen thuis.

Stroopstokerij kwamen vooral voor in gebieden waar veel fruit beschikbaar was, zoals in Zuid-Limburg. Slechts een deel van het fruit kon direct geconsumeerd worden, dus waren er tal van manieren om het te verwerken voor latere consumptie: drogen, wecken, azijn of stroop er van maken.

De veruit bekendste stroopfabriek van Beek was SICOF, die tot 2003 actief was en toen – na een fusie met stroopfabriek Timson – werd verplaatst naar Beesel. De geschiedenis van SICOF gaat terug tot het jaar 1852, als in de archieven Christaan Visschers voorkomt, met als beroep ‘stroopstoker’. Christiaan Visschers oefende zijn beroep nog op ambachtelijke, kleinschalige wijze uit, maar dat veranderde snel nadat zijn zoon Joris Hubertus het stokje overnam van zijn vader: in 1880 richtte hij in Beek een stroopfabriek en fruitdrogerij op. Tien jaar later nam Joris’ zoon Jan Christiaan Visschers het bedrijf van zijn vader over. Naast stroopstoken hield hij zich ook bezig met drogen van fruit en inblikken van appelmoes, kersen, aardbeien en pruimen. Het benodigde fruit kwam van boeren in de omgeving en de Beekse veiling ‘Beek en omstreken’.

In 1929 droeg Jan Christaan het bedrijf over aan zijn zonen Hub en Chrétien en schoonzoon Jeu Alberti. Het bedrijf was inmiddels uitgegroeid tot een moderne fruitverwerkende fabriek met de naam SICOF: SIroop, COnservenfabriek en Fruitdrogerij. De fabriek hoorde bij de grootste van Limburg.
Het bedrijf kwam de Tweede Wereldoorlog goed door. De schade door het vergissingsbombardement van 5 oktober 1942 viel mee, en de zowel de productie als het aantal medewerkers groeide zelfs tijdens de oorlog.
Na de oorlog groeide de afzet van SICOF nog verder door. De conservenafdeling werd afgestoten omdat deze niet meer rendabel was, maar de stroopfabricage floreerde. Onder andere doordat in de jaren ’50 de landelijke markt open ging voor de Limburgse stroopfabrieken, vooral via Albert Heijn en Edah, die Limburgse stroop in hun assortiment opnamen. En migranten naar de Verenigde Staten, Canada en Australië namen ook stroop mee, waardoor een heel nieuwe markt werd aangeboord.

Zoals waarschijnlijk alle bedrijfstakken ontkwam SICOF aan het einde van de 20ste eeuw niet aan fusies. In de jaren ’90 fuseerde de fabriek met de Beeselse stroopfabriek Timson, en werd de naam gewijzigd in Frumarco (FRUit en MARketing COöperatie). Deze fusie zou uiteindelijk ook leiden tot het vertrek van SICOF uit Beek: in 2003 werden alle bedrijfsactiviteiten verplaatst naar Beesel. De familie Visscher stond nog steeds aan het hoofd van het bedrijf, maar er kwam een eind aan 150 jaar stroopstoken in Beek door deze Beekse familie.
SICOF-stroop anno 2017.
Bron: Frumarco

Hoe maak je stroop?
Stroop maak je zo:
  • Was het fruit (appels en/of peren)
  • Maal het fijn
  • Kook het (maar niet tot moes)
  • Pers het fruit uit: met het ruwe sap werk je verder. De pulp verkoop je als veevoer.
  • Zeef het sap
  • Breng het sap aan de kook, net zo lang tot het is ingedikt tot stroop.
  • Verkoop de stroop
  • Smakeijk eten!
Ter illustratie: bij SICOF leverde 100 kilo fruit zo’n 60 liter ruw sap op, dat vervolgens werd ingedikt tot ca 12,5 liter stroop. SICOF verwerkte eind jaren ’70 jaarlijks 2 à 3 miljoen ton fruit.

Ondanks pogingen van de Heemkundevereniging Beek om de karakteristieke schoorsteen van SICOF te behouden, ging deze tegen de vlakte…