Beek
Hoewel het dorpje al eerder zal hebben bestaan, wordt Beek in de archieven voor het eerst vermeld in het jaar 1145. In een akte die zich nu in het Regionaal Historisch Centrum in Limburg bevindt bevestigt de Rooms-Duitse keizer Koenraad III dat de proosdij van Meerssen bezittingen heeft in ‘Becca’. Zeven jaar later, in 1152, doet zijn opvolger Frederik Barbarossa hetzelfde. Dan is sprake van ‘Bechha’.

De schrijfwijze van Beek is door de tijd heen nogal eens veranderd. In het vervolg van de 12e eeuw en de 13e eeuw vermelden de archieven ‘Beeka’, ‘Beke’ en ‘Beike’. Niettemin is steeds duidelijk dat het over Beek gaat.

De naam ‘Beek’ is uiteraard ontleend aan de Keutelbeek, waarlangs het ooit waarschijnlijk zeer kleine dorpje uitgroeide tot het uit de kluiten gewassen dorp dat het nu is.

Hoe groot Beek in de Middeleeuwen precies was, weten we niet. Maar het zal een lintdorp zijn geweest parallel aan de Keutelbeek met verschillende grote hoeven (waaronder de Binsvelderhof en Vroenhof/Oude Pastorie) en voor de rest een heleboel keuterboerderijtjes. Aan het einde van de Middeleeuwen - in het jaar 1526 - telde Beek zo’n 54 huizen, terwijl Neerbeek er 39 had. Anderhalve eeuw later – in 1663 – telde Beek inmiddels 99 huizen en Neerbeek 69.

De belangrijkste bron die ons iets meer vertelt over Beek in de Middeleeuwen is de kroniek van de Beekse priester en chroniqueur Peter Tretpoel, die aan het einde van de Middeleeuwen leefde.

Verder is van belang te melden dat grote delen van Beek in de Middeleeuwen in eerste instantie in handen waren van de heren van Valkenburg. In de 13e eeuw verwierf Duitse Orde veel bezittingen in Beek. Zij hadden hun thuisbasis had in de Vroenhof, oftewel de Oude Pastorie. De priesters van de Duitse Orde waren zes eeuwen lang de pastoors van de Beekse Sint-Martinuskerk.
De oudste vermelding van Beek in een oorkonde uit het jaar 1145. Onderstaande de 2e vermelding uit 1152.

NB: in sommige publicaties staat vermeld dat de oudste vermelding van Beek al uit het jaar 847 stamt, maar bijna alle historici gaan er inmiddels van uit dat dit niet klopt.



Beek op de Tranchotkaart, die begin 19e eeuw is gemaakt. De situatie in de Middeleeuwen zal echter niet heel veel anders zijn geweest.