Bron
Deze pagina is gebaseerd op de artikelenreeks 'Oude Pastorie' van de Beekse historicus Jacques Aussems, die tussen 2001 en 2003 verscheen in Becha.
Een inventaris uit 1796
Eind 18de eeuw werd er een interessant opgesteld over de Oude Pastorie: een inventarislijst van alle goederen die in de pastorie aanwezig waren. De aanleiding voor het op papier zetten hiervan waren ‘gevaerlijcke omstandigheeden’. Hiermee wordt de komst van de Franse legers in 1794 bedoeld en de daaruit voortvloeiende angst voor wat er gang gebeuren met de kerkelijke instellingen, waaronder de Oude Pastorie. Daarom was het slim om alle bezittingen eens op papier te zetten.

De inventaris werd op 7 april 1796 opgesteld door de Duits Ordenspriester Lambertus Hendricus Lambrechts en zijn collega Johan Stefaan Hendrik Grouwels, die zich vanaf 1795 in de pastorie bevond in Beek en waarschijnlijk de zieke Johan Jozef Kerkhofs verving.

Kapelaan C. Brouwers en een zekere J. Hermans waren ook aanwezig. Op dat moment woonden ‘Dhr Pastor Gruijls en een meijd dotiq’ in de pastorie. (‘Dotiq’ is de afkorting van ‘domestique’ of dienstmeisje)

In de lijst wordt steeds per ruimte een beschrijving gegeven van alles wat zich daar bevindt. In onderstaande opsomming staan alle ruimtes opgesomd, maar van de inventaris is een selectie gemaakt.

Begane grond
1. In den groten saal
(Werd waarschijnlijk gebruikt voor het ontvangen van gasten)
  • Eene groote schoone commode
  • Drij tafel spreijen
  • Een dousijn matte stoelen (= voorzien van een biezenzitting)
  • Eenen grooten spiegel
  • Eenen christus ende twee met glas voorgesetde schilderijen
  • Sestig drij tinne telljoeren (= borden)
  • 15 Groote ende 11 cleijne blauwe porceleinen telljoeren
  • Twee mostaert potten porceleijn
  • Vijf balleij caerten (= 5 kaarten met goederen van de Balije Biesen)
2. In het kleijn kaemerken
(Waarschijnlijk een Gastenslaapkamer)
  • Een leedikant
  • Een pluijmen bedde (= een veren matras)
  • Een blauwe matrasse
  • Twee wollen deeckens
  • Een cleijn spiegelken
3. In het salet
(Was wellicht een ontvangstkamer voor parochianen en pachters, en de werkkamer van de pastoor)
  • 16 Wijn roomers, twee olie flesjes
  • Een tinnen inckoker
  • Eene goude waege (=weegschaal voor goud en munten)
  • Een eijcken hoeck-castje
  • 11 Blauwe thee tassen
  • Eenen Mostaert pot, eenen swarten thee pott ende een Swart Crucifix
4. In den Ganck
(De gang deed duidelijk dienst als opslagplek voor allerlei keukengerei)
  • Eene staende horologie met eijcken kast
  • 10 Blauw porceleijne telljoeren
  • Derthien tinne schoetelen
  • Eene tinne sop comp
  • Eene glaezer lamp met tinnen voet
  • Eene coopere Raspe
  • Eenen steijnen boterpott en 1 van aerde pot
5. In de Keucken
(De keuken was goed geoutilleerd. Indien nodig konden meerdere mensen aanschuiven bij de pastoor. Uit de inventaris blijkt dat hij koffie, thee, wijn, bier en chocolademelk dronk.)
  • Een vierijzer met twee hoevekens (=een haardijzer met twee oventjes)
  • Eene viereckige en een opslaende keucke taefel
  • Ses houte stoelen
  • Seeven bier glaesen
  • Twee coopere caffe pottjes
  • Eenen rood cooperen chocoladen pott
  • Twee tinnen peeperdoossen
  • Een suijcker baxken met 12 tinne Leepelkens
  • 14 Tinnen leepelen
  • 9 Porceleijne desser telljoerkens
  • Eenen speulcomp (=een spoelbak)
  • Een tinnen wijnwaeters pottje
6. In het Camerken neffens de keucken
(In dit kamertje werden enkele toebehoren voor de keuken bewaard. Ook deed het dienst als slaapplaats, wellicht voor de meid?)
  • Eene serviette persse
  • Eenen capstoch
  • Een ledikant met groen seij behangsel (= een bed met groene zijden bekleding)
  • Eene belance ende vier gewigt steijn (= een weegschaal met vier stenen gewichten)
  • Eene schilderije O.L. Vrouwe
  • Twee speeten (= braadspitten)
  • Eene bleecke sweeveldoose (= een blikken doos voor het bewaren van zwavelstokjes)
  • Eene bleeke cruijd-doose (= een blikken doos voor het bewaren van kruiden)
7. Op het Voorhuijs
(Hier lagen nog meer toebehoren voor de keuken)
  • Eene coopere seijge – dito bleeke seijge (= een koperen en een blikken zeef)
  • Een coopere casserole (= een braadpan)
  • Eene coopere broodpanne
  • Twee marmiten met deckelsen (=twee grote kookketels)
  • Eenen cooperen eecker (= een wateremmer)
  • Eene cooperen siegbaer (= een vergiet)

8. Onder de Opkaemer
  • Eenen ledikant met eenen strooije sack sonder behangsel (= sloop)

9. In het Brouwhuijs
(De pastoor had een eigen brouwerij)
  • Twee ledderen (= ladders)
  • Brouwkeetel, kuijp (= een beslagkuip) en toebehoor
  • Eene koije – een rind (een koe en een rund)
10. In de achterkeucken
  • Eene groote waschtijne (= een wastobbe)
  • Drij bierloopen (= biertonnetjes)
  • Eenen ouden houten Cast
11. In de Spin
(Hier werd boter gemaakt)
  • Een draeijvat (= een karnton)
  • Eene Botertinne (= boterkuip)
  • Eene Ronde taefel
Op basis van de inventarislijst heeft de Beekse architect Karl Pesch van Res Nova Monumenten getracht de indeling van de Oude Pastorie in 1796 te reconstrueren.
Copyright tekening: Karl Pesch / Res Nova Monumenten

Kelders, verdieping en zolder
12. In den kelder onder den Saal
  • Bierstellinge en wijnstelllinge sonder wijn
13. In den Bierkelder
(1 aam =  ca. 150 liter, dus 300 liter bier op voorraad!
  • Eene bierstellinge
  • Ses aemen ende een halve waer van twee voll met bier
  • Eene soermoestijne (= een kuip voor het bewaren van zuurkool)
14. Op den solder
  • Eene karre oud, versleeten, verleegen meubels ende prullen
15. In de Capell
(De pastorie had een eigen kapel, waar waarschijnlijk bezoekende leden van de Duitse Orde de mis hebben opgedragen)
  • Twee coopere luchters (= kroonluchters)
  • Authaer (= altaar)
  • Casuijffels
16. Op de kamer van de Heer Pastor Saeliger
(Pastor Saeliger was pastoor Johannes Kerkhofs. Met name de bibliotheek valt hier op: het is duidelijk een pastorale bibliotheek met vele boeken over theologische onderwerpen en kerkelijke richtlijnen. Maar Kerkhofs had ook ook belangstelling voor geschiedenis. En wat te denken van het boek ‘Embrijologie’?)
  • Een ledikant met groene seij behangsel (= zijden bekleding)
  • Eenen kleederkast – eenen lijnwand kast (= een kast voor het opbergen van fijn linnen, zoals ondergoed, hemden en tafellinnen)
  • Een houten crucifix
  • Eenen spiegel met 4 glaeseren schilderijkens
  • Twee korfkens met duijten behoorende aen de kercke
  • Eene commode biblioteeck waerop staen de boecken van de heer Pastor Saelige, [circa 50 werken, onder andere:]
    • ‘De Justitia et Jure van’ Leonard Lessius uit 1603
    • Historie de juifs (De geschiedenis van het jodendom)
    • ‘Dictionnaire historique’ door jezuïet Francois Xavier de Feller
    • Historie des H. Sacraments
    • Historie de Napels
    • Historie de l’Ordre Teutonique
    • La Religion catholic par mahis
    • Embrijologie
17. Op het cleijn kaemerke
  • Een leedikant met rood behangsel
  • Eene matrasse – twee deckens
  • Eenen houten stoel
18. Op de groote boven caemer
  • Eenen houten Lijnwand kast
  • Een kleede kast met papieren en acten
  • 15 landkaerten
  • 4 schilderijen
  • een ledikant met chamoisen (= bleekgele) gordijnen
  • eene porcelijne lampet (= een handwaskom)
19. Op het kleijn bovenkaemerken
  • Een ledikant met groep gordijnen
  • Een pluijmen bedde ende eenen strokijen sack
  • Drij houten Stoelen
  • Een schrijftaefelken
  • Eene bibliotheek met boecken toebehoorende aen Sebastiaen Kerckhofs salige
20. Op de Bibliotheeck
  • De Boecken van het pastorael huijs
  • 30 a 40 ulmen plancken
21. Op Solder
  • Vijf en vijftig vaeten cooren